Voorzover wij vat willen kunnen krijgen op ons individuele leven of op de samenleving is informatie het aangrijpingspunt.
Alleen door met informatie te werken mogen wij hopen op enige structuur, op enige voorspelbaarheid.
En zelfs als wij dat niet willen accepteren dan laten wij het ons gebeuren dat anderen ons informatie-lot bepalen.
We ontkomen er niet aan, dat was altijd al zo, maar door de technologie wordt het een (on)bewuste keuze, een verantwoordelijkheid die je wel of niet aan gaat.
Maar hoe meer we vat proberen te krijgen op ons (samen) leven, hoe meer we gaan beseffen dat wij weinig weten en dat de technologie weinig kan.
Wij kunnen een vloertje leggen, maar de show blijft mensenwerk.
Gelukkig blijven de belangrijkste aspecten van onze levens ongrijpbaar, ook met informatietechnologie.
Minder gelukkig is het als anderen wel- bewust de technologie inzetten voor de behartiging van het eigenbelang, een deel-belang of zelfs het algemeen belang.
Dan kunnen wij toch geconfronteerd worden met ongewenste uitingen van een informatie-maatschappij.
Informatie is macht en wij ervaren de machtsverhoudingen tussen individu en collectief als steeds onevenwichtiger omdat organisaties en ook onze eigen overheid de technologie als verlengstuk gebruiken.
Het aardige is nu dat diezelfde technologie het mogelijk maakt de rollen om te draaien.
Voorwaarde is dat wij als uitgangspunt gaan hanteren dat eenieders persoonlijke informatie ook persoonlijk eigendom is.
Organisaties mogen het gebruiken voorzover er afspraken over te maken zijn. Net zoals het normale handelsverkeer zal ook het informatie-verkeer zich aan regels moeten houden.
Ook de overheid zal moeten leren werken en denken vanuit de gedachte dat rechtspersonen om medewerking gevraag zal moeten worden.
Wetten zijn er niet om vast te leggen dat de overheid eigenaar is van informatie